Het Centraal Museum Utrecht kent een rijke geschiedenis die teruggaat tot het begin van de 19e eeuw, toen de behoefte ontstond om de bestaande oudheidkundige voorwerpen van de stad Utrecht uit te breiden en tentoon te stellen.
Ontstaan en Vroege Jaren (19e Eeuw)
In 1830 werd een museum geopend in het Utrechtse stadhuis, dat onder beheer kwam te staan van de stadsarchivaris. De officiële opening voor het publiek vond plaats op 5 september 1838, verricht door de Utrechtse burgemeester Van Asch van Wijck. Het museum bestond destijds uit een tentoonstellingsruimte van vier kamers op de bovenste verdieping van het stadhuis. Voor een kwartje per persoon kon het Utrechtse publiek elke woensdagmiddag anderhalf uur lang kennismaken met de kunstschatten van de stad, met de gedachte dat iedereen van de stadscollectie kon genieten.
Na het overlijden van de eerste beheerder in 1843 brak een periode van verwaarlozing aan. In 1874 werd Samuel Muller Fz. archivaris van de stad Utrecht en kwam het museum onder zijn beheer. Hij liet het museum opknappen en herinrichten, waarbij de voorwerpen op chronologie en soort werden geordend.

Verhuizing naar Het Hoogeland
Door de groeiende collectie ontstond er ruimtegebrek. In 1891 verhuisde het museum onder beheer van Muller naar de ruim bemeten buitenplaats Het Hoogeland aan de Biltstraat. Hier werden onder meer meerdere stijlkamers ingericht en de collecties gaandeweg uitgebreid. Het museum werd toegankelijker voor het publiek, en het jaarlijkse bezoekersaantal steeg van rond de 2000 in het stadhuis naar boven de 20.000 op Het Hoogeland. Op zondagmiddag was het museum gratis te bezoeken.
Na verloop van tijd daalden de bezoekersaantallen en vonden diverse gemeentelijke campagnes plaats om meer mensen naar het museum te trekken. Ook hier ontstond opnieuw ruimtegebrek door de uitdijende museumcollecties.
De Vestiging in het Agnietenklooster en de Naam Centraal Museum
1921 is een belangrijk jaar voor het Centraal Museum. Vanaf dit jaar is het museum gevestigd in het middeleeuwse Agnietenklooster aan het Nicolaaskerkhof, naar het idee van Muller. De stedelijke collectie werd samengevoegd met verschillende particuliere collecties en ondergebracht in één gecentraliseerd museum, waar de naam Centraal Museum ook van is afgeleid. Zo werden onder andere de verzamelingen van het genootschap Kunstliefde, het Aartsbisschoppelijk museum en het Utrechtsch Museum van Kunstnijverheid aan de stadscollectie toegevoegd.
De inrichting van het nieuwe museum leverde echter al snel kritiek op omdat het te vol en te onoverzichtelijk zou zijn. Samuel Muller Fz. trok zich de kritiek zo sterk aan dat hij nooit meer een voet in het museum heeft gezet. In het Centraal Museum werd Mullers strikte materiaalscheiding al in 1925 weer verlaten, waarbij de nadruk kwam te liggen op de schilderijenverzameling.

Uitbreidingen en Verbouwingen
In 1987 werd het oude stallencomplex op het achterterrein verbouwd tot expositieruimte voor tijdelijke tentoonstellingen, verbonden met het hoofdgebouw door een ondergrondse gang. Tegelijkertijd werd er een aula gebouwd.
Het Centraal Museum werd in 1999 verbouwd door de Vlaamse architecten Stéphane Beel, Lieven Achtergael en Peter Versseput. Er kwam een nieuw glazen entreegebouw van twee verdiepingen met een vijf verdiepingen hoge glazen toren met lift en trappen. Verder werden een kindermuseum en een multimediaal informatiecentrum gerealiseerd. Voor het interieur tekende de bekende Nederlandse ontwerper Richard Hutten, die de boekwinkel en het restaurant ("de Refter") vormgaf. De suppoosten kregen uniformen, ontworpen door Viktor & Rolf, maar dit uniform is slechts enkele jaren gebruikt.
De collectie van het Centraal Museum
Na een verbouwing die in januari 2014 startte, werd de entree weer verplaatst naar de straatzijde. De expositieruimte werd uitgebreid, de looproute binnen het gebouw werd verbeterd en het entreegebouw werd omgebouwd tot een museumcafé dat ook zonder kaartje en ook 's avonds toegankelijk is.
De Collectie
De collectie van het Centraal Museum bevat ruim 50.000 objecten. Deze bestaat uit hedendaagse tekeningen, historische kostuums, abstracte schilderijen en oudheidkundige vondsten. Het museum beheert een gevarieerde verzameling kunst, stadsgeschiedenis, mode en toegepaste kunst, die grotendeels eigendom is van de gemeente Utrecht.
De modecollectie omvat ongeveer 8000 stuks, variërend van kostuums uit de 18e eeuw tot aan ontwerpen van Viktor & Rolf. Het Centraal Museum verzamelt bovendien werk van sieraadontwerpers, zoals Paul Derrez, Chris Steenbergen, Emmy van Leersum, Cris Agterberg, Gijs Bakker en Marion Herbst.
Het museum is de thuishaven van Utrechtse kunstenaars als Dick Bruna en Gerrit Rietveld, maar ook van de Utrechtse caravaggisten Gerard van Honthorst en Hendrick ter Brugghen. Verder zijn te noemen: Abraham Bloemaert, Jan van Scorel, Pyke Koch en Joop Moesman. Het Centraal Museum bezit de grootste collectie Rietveldontwerpen en beheert het Rietveld Schröderhuis, dat volledig is gebouwd naar de ideeën van De Stijl.
Bijzondere Collecties
Atelier Dick Bruna
Een bijzonder deel van het Centraal Museum is het Atelier van Dick Bruna, 's lands bekendste illustrator en grafisch ontwerper. Dick Bruna was dertig jaar lang elke dag te vinden in zijn atelier op een zolder in de Utrechtse binnenstad.
Rietveld Collectie
Het Centraal Museum beschikt over de grootste collectie van Rietveld-objecten ter wereld.
Utrechtse Caravaggisten
De collectie oude meesters, met werken van onder andere Jan van Scorel, Abraham Bloemaert en Hendrick ten Brugghen, is zeer de moeite waard.
Museumcafé en Winkel
Café Centraal biedt de mogelijkheid om kennis te maken met de collectie door plaats te nemen op bijzondere stoelen, geïnspireerd op de ontwerpen van onder anderen Gerrit Rietveld. Gasten kunnen er genieten van koffie, lunch of een borrel. De museumwinkel biedt kleine cadeautjes, producten van Utrechtse ontwerpers, kunst- en modeboeken en een uitgebreid assortiment nijntje-artikelen.
Recente Ontwikkelingen en Toekomst
Sinds 2007 is in de Nicolaïkerk, de kerk naast het museum, een selectie uit de collectie middeleeuwse sculptuur van het Centraal Museum te zien. Utrecht kende tot 1550 een bloeiende beeldhouwkunst, waarvan veel verloren ging door beeldenstormen, natuurrampen en stadsvernieuwing.
Het museum biedt ook de mogelijkheid voor snelle toegang met een e-ticket, om zo een mogelijke rij bij de kassa over te slaan.
Hieronder een overzicht van enkele recente en toekomstige tentoonstellingen:
- Mei 2025: Thuiskunst.
- Apr 2025: No Limits!
- Okt 2021: Projectiekunstwerk 'Hier woont nijntje' - projectie Mr.
- Sep 2021: De botanische revolutie.