De Evolutie en Diverse Formaten van de DVD Technologie

De huidige dvd-markt kent een diversiteit aan formaten, wat voor menige consument voor verwarring kan zorgen. Naast de voorbespeelde dvd-rom's zijn er vijf beschrijfbare en herschrijfbare dvd-formaten: dvd-r, dvd-rw, dvd+r, dvd+rw en dvd-ram. De term dvd staat voor 'digital versatile disk', wat de veelzijdigheid van deze media treffend omschrijft, ook in een bredere zin dan oorspronkelijk bedoeld.

De ontwikkeling van dvd-technologie begon in de vroege jaren negentig, gedreven door de behoefte aan een digitale opvolger voor analoge opslagmedia. Terwijl de grammofoonplaat al was vervangen door de cd, zocht de industrie naar een betaalbare en kwalitatief hoogwaardige vervanging voor de analoge vhs-videoband. Deze nieuwe drager moest een vergelijkbare opslagcapaciteit bieden als magnetische tape, maar dan voor digitale opnamen, met een vloeiende weergave tot gevolg - een contrast met de mechanisch complexe videoband.

Aanvankelijk waren alle media ontworpen voor alleen weergave. Tijdens de ontwikkeling van de dvd ontstonden er echter twee kampen, voortkomend uit onenigheid tussen verschillende bedrijven over de te volgen strategie. Dit resulteerde in twee concurrerende technologieën, herkenbaar aan het minteken (-) en het plusteken (+) in de formatnamen, zoals dvd-r en dvd+r. Later ontstond er zelfs een derde kamp.

Diagram dat de evolutie van opslagmedia toont, van grammofoonplaat naar CD en DVD.

De Fundamenten van DVD Technologie

Alle dvd-producten delen een gemeenschappelijke eigenschap: een diameter van twaalf centimeter, identiek aan die van de cd. De onderliggende technologie van de dvd-rom en de dvd-video is vergelijkbaar met die van een standaard cd-rom. Tijdens de productie wordt een stempel gebruikt om kleine putjes in de plastic schijf te drukken, wat een patroon van minuscule bergjes en dalletjes creëert. Het cruciale verschil met een cd-rom ligt in de spoorbreedte en de onderlinge afstand van deze gegevenssporen. Bij een dvd liggen de sporen twee keer zo dicht op elkaar (1,6 per micrometer in plaats van 0,74 per micrometer), wat resulteert in een aanzienlijk hogere opslagcapaciteit.

Naast de voorbespeelde dvd's ontwikkelden fabrikanten al snel media die slechts eenmaal beschreven konden worden. Dvd-r en dvd+r (afkortingen voor dvd-recordable) maken, net als cd-r, gebruik van een vergelijkbare opname- en leesmethode. Het belangrijkste verschil is het type laser dat wordt gebruikt; de laser in een dvd-drive is preciezer dan die in een cd-r-brander. Dit maakt een dichtere pakking van informatie mogelijk, wat resulteert in een opslagcapaciteit van 4,7 gigabyte. Ter vergelijking: dit staat gelijk aan een film van 120 minuten met bioscoopkwaliteit, of ongeveer 1.360.000 getypte vellen papier.

De reden voor het bestaan van twee verschillende formaten (dvd-r en dvd+r) ligt wederom in de onenigheid tussen fabrikanten. Het plus- en minteken duidt simpelweg tot welk kamp de fabrikant behoort.

Herschrijfbare DVD Formaten: DVD-RW en DVD-RAM

Met de introductie van dvd-ram (dvd-random access memory) kwamen de herschrijfbare dvd-producten op de markt. Alle herschrijfbare dvd-formaten maken gebruik van deze technologie om gegevens te schrijven, wissen en herschrijven. De dvd-ram is verkrijgbaar in twee versies: de enkelzijdig herschrijfbare versie met een capaciteit van 4,7 gigabyte en de tweezijdige versie met 9,4 gigabyte. De hogere capaciteit van de tweezijdige versie kan echter niet worden benut in een drive die enkel geschikt is voor 4,7GB-dvd-ram's.

De dvd-rw en dvd+rw formaten zijn beide herschrijfbare media. Ze maken gebruik van de 'fase-omkeer-opslagmethode' en bieden een capaciteit van 4,7 gigabyte. Het belangrijkste verschil tussen deze twee formaten, naast subtiele verschillen in het schrijfproces, ligt in de opnamelaag en de manier van formatteren.

Formattering en Opslagcapaciteit

Elk opslagformaat heeft zijn eigen, specifieke manier van formatteren. Tijdens dit proces wordt het opslaggebied verdeeld in segmenten en partities, een indeling die niet eenvoudig te wijzigen is. Het formatteren helpt de drive bij het snel lokaliseren van specifieke plaatsen of bestanden en zorgt voor een efficiënte benutting van de opslagruimte. Grote, opeenvolgende bestanden worden zo snel en zonder onderbrekingen opgeslagen en teruggevonden.

De maximale opslagcapaciteit van een medium kan variëren. Er zijn dvd's met capaciteiten van 2,6 GB, 3,95 GB, 4,7 GB en zelfs 9,7 GB. Zelfs binnen dezelfde lijn, zoals de dvd-r, kunnen verschillende media niet altijd in dezelfde speler worden afgespeeld of opgenomen. Dit verschil in capaciteit is afhankelijk van het ontwerp, dat soms nog in ontwikkeling is.

De verschillende opslagcapaciteiten kunnen worden onderverdeeld als volgt:

  • Enkelzijdige media = enkelvoudige capaciteit
  • Enkelzijdige media met twee super opgelegde opnameniveaus = dubbele capaciteit
  • Dubbelzijdige media = dubbele capaciteit
  • Dubbelzijdige media met twee super opgelegde opnameniveaus = viervoudige capaciteit

Voor de consument zijn deze specifieke capaciteitsverschillen vaak niet direct relevant.

Regiocodes en Compatibiliteit

Een ander onderscheidend kenmerk is de zogeheten landencode (regiocode). Fabrikanten van dvd's en dvd-spelers hebben de wereld ingedeeld in verschillende zones, elk met een specifieke code voor het lezen van apparaten en media. Dit is een maatregel om de ongecontroleerde distributie van auteursrechtelijk beschermd materiaal, zoals films, te beperken en de verspreiding van illegale kopieën via internet tegen te gaan.

Als gevolg hiervan kan een dvd met een licentie voor de Verenigde Staten mogelijk niet worden afgespeeld in een dvd-speler die in Japan is aangeschaft. Sommige dvd-apparaten bieden echter instellingen die dit kunnen omzeilen, zoals de multisessie-optie voor dvd-rw, waardoor kleine bestanden over verschillende gedeelten kunnen worden opgeslagen voor opnamen op verschillende momenten. Deze schijven kunnen echter pas volledig worden gebruikt in andere dvd-rw-apparaten nadat de opname is voltooid en de 'afsluitsessie' is uitgevoerd.

Illustratie van een wereldkaart met genummerde DVD-regio's.

Ontwikkeling en Toepassingen van DVD

De ontwikkeling van dvd werd sterk gedreven door de behoeften van de amusementsindustrie, met als oorspronkelijk doel de verouderde vhs-technologie te vervangen. Het is dan ook aannemelijk dat de verkoop van dvd-hardware en -media de verkoopcijfers van vhs-technologie ruimschoots heeft overtroffen.

Dvd's zijn echter niet uitsluitend geschikt voor films. Alle dvd's kunnen worden gebruikt voor de opslag van digitale informatie, aangezien ze zijn ontworpen om binaire gegevens op te slaan. In de praktijk zijn niet alle formaten hier even geschikt voor:

  • Dvd-rom-media zijn specifiek bedoeld voor de videomarkt en kunnen alleen vooraf opgenomen inhoud afspelen.
  • De dvd-r kan worden beschouwd als een cd-r met een aanzienlijk grotere opslagcapaciteit. Dankzij de speciale structuur is dit medium uitermate geschikt voor de opslag van video en muziek in cd-kwaliteit. Pioneer heeft bijvoorbeeld apparaten geïntroduceerd die op vergelijkbare wijze als videospelers kunnen worden gebruikt. De inzet in IT-apparatuur, zoals computers, is echter beperkter, waarschijnlijk omdat de dvd-r-technologie beter geschikt is voor het in één keer opslaan van grote, ononderbroken gegevensvolumes, wat ideaal is voor films.

Helaas voor de consument bestaan er twee verschillende versies van de dvd-r, onderscheiden door de schrijfbare/leesbare laserkop. In de handel wordt dit aangegeven met de letter A (versie 1.0, ouder) of G (algemene versie 2.0). Hoewel de schijven door alle apparaten gelezen kunnen worden, is dit niet altijd het geval voor het schrijven van gegevens.

Net als de dvd-r is de dvd+r een medium dat eenmaal beschreven kan worden en wordt ondersteund door een specifieke groep bedrijven, waaronder Sony, Philips, Yamaha, Ricoh en Hewlett-Packard. De +r-versies zijn eveneens geschikt voor toepassingen waarbij grote hoeveelheden gegevens in één keer moeten worden gekopieerd of opgenomen, zoals een volledige film. Dvd+r-media en -apparaten bieden de mogelijkheid tot opnamen in meerdere sessies en de schijven zijn afspeelbaar in een breed scala aan apparaten, inclusief populaire dvd-spelers.

De dvd-ram-technologie is de enige die oorspronkelijk is ontwikkeld voor dataopslag en maakt het mogelijk om gegevens op elk moment te wissen en opnieuw te gebruiken. Dvd-ram-schijfjes zijn verdeeld in sectoren, vergelijkbaar met de organisatie van conventionele harde schijven. Deze verdeling zorgt voor een optimale benutting van de opslagruimte en snelle toegang tot bestanden, wat de schijf geschikt maakt voor dataverwerking.

De belangrijkste drijvende krachten achter dvd-ram zijn Toshiba, Hitachi en Panasonic, die dit formaat sinds de introductie in 1997 steunen. Hoewel het aanvankelijk leek dat dit formaat de standaard voor pc's en notebooks zou worden, lijkt deze overeenkomst inmiddels te zijn bekoeld.

Evenals de dvd-r wordt de herschrijfbare dvd-rw ondersteund door een groep bedrijven onder leiding van Panasonic. Het gebruikte schrijfproces is bijzonder geschikt voor de snelle doorvoer van grote, opeenvolgende bestanden, zoals een volledige film of een concert. Dvd-rw-apparaten kunnen opereren in twee standen: met constante bitsnelheid en met variabele bitsnelheid. De gekozen modus heeft invloed op de beeldkwaliteit en de maximale opnametijd. De constante bitsnelheid biedt voordelen bij professionele videobewerking, zoals het snijden, hergebruiken en verwijderen van volgordes, maar brengt beperkingen met zich mee op het gebied van uitwisselbaarheid en beschikbaarheid van gegevens tijdens het proces. Pas na voltooiing van de bewerking kan de uitwisselbaarheid met andere apparaten worden hersteld. Dvd-rw-media zijn leesbaar door de meeste dvd-spelers en apparaten uit de dvd-r-, dvd-ram- en dvd+rw-families, maar gegevens kunnen alleen worden opgenomen met speciale dvd-rw-branders.

De dvd+rw wordt ondersteund door dezelfde groep bedrijven als de dvd+r. Het belangrijkste verschil met de dvd-rw ligt in de manier waarop de schijf is ingedeeld en de bewerking van reeds opgenomen bestanden. De gebruiker heeft de vrijheid om bestanden te overschrijven, te bewerken of geheel of gedeeltelijk te wissen, wat bij de dvd-rw-variant minder eenvoudig is. De dvd+rw is zo geformatteerd dat de schijfindeling het gemakkelijk maakt om zowel kleine bestanden als grote, aaneengesloten bestanden op te slaan. Dit maakt dvd+rw-schijven en -apparaten geschikt voor zowel gegevensbewerking als consumentenelektronica. Dvd+rw-media worden gelezen door veel dvd-spelers en -apparaten uit de dvd-r-, dvd-ram- en dvd+r-families, maar gegevens kunnen alleen worden opgenomen met speciale dvd+rw-branders.

DVD-Video: Specificaties en Formaten

DVD-Video is een videoformaat dat wordt gebruikt om digitale video's op een dvd te branden. Het is het meest gebruikte videoformaat voor consumenten in Azië, Noord-Amerika, Europa en Australië. Om een disc met deze specificatie te kunnen lezen, is een dvd-station en een MPEG2-decoder nodig. De datasnelheid ligt tussen 3 en 9,5 Mbit/s, met een variabele bitsnelheid. Het formaat werd op 26 maart 1997 geïntroduceerd door het DVD Forum.

Voor het opnemen van video's maakt DVD-Video gebruik van H.262/MPEG-2 Deel 2 compressie met een datasnelheid tot 9,8 Mbit/s, of MPEG-1 Deel 2 compressie met een datasnelheid tot 1,856 Mbit/s. Video met een 4:3 resolutie wordt ondersteund door alle videoformaten. Het MPEG-1 Deel 2-formaat ondersteunt geen interlaced video's, terwijl H.262/MPEG-2 Deel 2 zowel interlaced als progressief gescande inhoud ondersteunt. Inhoud met afwijkende snelheden kan met Telecine worden gecodeerd naar H.262/MPEG-2 Deel 2 om de snelheid van 23,976 beelden per seconde om te zetten naar 29,97 beelden per seconde. Een dvd-speler gebruikt markeringen om progressieve inhoud naar interlaced video te converteren tijdens het afspelen, wat resulteert in een signaal dat geschikt is voor interlaced televisies. Deze markeringen kunnen ook de progressieve inhoud reproduceren naar het originele, niet-interlaced formaat wanneer gebruikt met compatibele dvd-spelers en progressieve scan televisies.

De audiodata op een dvd-film kan in de volgende formaten zijn: PCM, DTS, MP2 of Dolby Digital (AC-3). In landen met de PAL-standaard moet de versie van DVD-Video minstens één audiotrack van het PCM-, MP2-, of AC-3-formaat bevatten, en alle standaard PAL-spelers moeten een van deze drie formaten ondersteunen. Een vergelijkbare standaard bestaat in landen die het NTSC-systeem gebruiken, hoewel het gebruik van of de ondersteuning van het MP2-formaat hier geen vereiste is. DTS audio is optioneel voor alle spelers, aangezien DTS geen deel uitmaakte van de oorspronkelijke standaard. Enkel PCM en DTS ondersteunen 96 kHz (de bemonsteringsfrequentie). De overgrote meerderheid van commerciële DVD-Video releases gebruikt anno 2015 AC-3.

PCM-audio biedt:

  • 48 kHz of 96 kHz bemonsteringsfrequentie
  • 16 bit of 24 bit Lineaire PCM
  • 2 tot 6 kanalen
  • Tot 6144 kbit/s

Dvd's kunnen meer dan één kanaal met audio die samengaat met de video-inhoud bevatten, met een maximum van acht gelijktijdige audiotracks per video. Dit wordt vaak gebruikt voor verschillende audioformaten zoals DTS 5.1 en AC-3 2.0.

DVD-Video schijven hebben een ruwe bitsnelheid van 11,08 Mbit/s, met een 1,0 Mbit/s overhead, waarbij hun ladingsvermogen een bitsnelheid van 10,08 Mbit/s heeft. Professioneel gecodeerde video's hebben een gemiddelde bitsnelheid van 4-5 Mbit/s, met een maximum van 7-8 Mbit/s.

Sommige dvd-spelers kunnen schijven lezen waarvan de MPEG-bestanden geen onderdeel uitmaken van de hierboven genoemde standaardformaten. Dit wordt vooral gebruikt om dvd's te kunnen lezen met speciale bestandsformaten zoals VCD en SVCD. Hoewel VCD en CVD-video worden ondersteund door de dvd-standaard, zijn noch de video van SVCD, noch de audio van VCD, CVD of SVCD compatibel met de dvd-standaard. Sommige dvd-spelers kunnen ook dvd-roms of cd-roms afspelen, die "ruwe" MPEG-videobestanden bevatten. Deze zijn ongeautoriseerd en hierbij ontbreken computer bestanden en de structuur die DVD-Video bepaalt.

Bijna alle DVD-Video schijven gebruiken het UDF bridge formaat, een combinatie van de DVD MicroUDF (een onderdeel van UDF 1.02) en ISO 9660-bestandssystemen. Dit UDF bridge-formaat zorgt voor compatibiliteit met oudere versies die enkel ISO 9660 ondersteunen.

De structuur van een DVD-Video schijf omvat doorgaans de volgende mappen en bestanden:

  • AUDIO_TS-map: Deze is optioneel of wordt niet getoond op DVD-Video schijven.
  • VIDEO_TS.BUP: Dit is de back-up van het Video_TS.IFO bestand.
  • VIDEO_TS.VOB: Dit is het eerste Video Object (VOB) van de DVD-Video-disc, vaak met copyrightinformatie of een menu.
  • VTS_01_0.BUP: Dit is een back-up van het VTS_01_0.IFO bestand.
  • VTS_01_0.VOB: De afkorting staat voor Video Title Set 01, Video Object 0.
  • VTS_01_1.VOB: De afkorting staat voor Video Title Set 01, Video Object 1.
  • IFO bestanden: Bevatten besturingsinformatie en terugspoelinformatie.

DVD-Video kan tot 32 ondertitelingtracks bevatten. Ondertitels kunnen naast vertalingen ook extra informatie bevatten, zoals plaatsnamen of jaartallen, en worden opgeslagen als bitmapafbeeldingen, waardoor ze in elke taal kunnen worden weergegeven. Ondertitels kunnen maximaal vier kleuren bevatten, inclusief transparant, wat resulteert in een iets ruwer uiterlijk dan permanente ondertitels in films. DVD-Video ondersteunt ook hoofdstukken, die navigatie op de dvd vergemakkelijken.

Voorbeeld van een DVD-menu met opties voor taal, ondertiteling en scènes.

De Toekomst van Fysieke Media versus Streaming

De wereld van home entertainment ondergaat snelle veranderingen. Waar fysieke media zoals VHS, dvd's, blu-ray en 4K-UHD decennialang de norm waren voor filmconsumptie, hebben streamingdiensten zoals Netflix, Disney+ en Amazon Prime het mediaconsumptiegedrag drastisch veranderd. Gebruikers hechten waarde aan gemak en directe beschikbaarheid, waardoor fysieke media steeds vaker als ouderwets worden beschouwd.

Voordelen van Fysieke Media

Ondanks de populariteit van streaming bieden fysieke media nog steeds aanzienlijke voordelen:

  • Eigendom en Toegang: Bij de aankoop van een dvd is de film daadwerkelijk in bezit. Een eenmalige aankoop biedt onbeperkte toegang zonder terugkerende kosten. Bij digitale films en series koopt men een licentie die op elk moment kan vervallen, wat de toegang tot content onzeker maakt. Streamingdiensten werken vaak met abonnementsmodellen die in prijs kunnen stijgen en afhankelijk zijn van doorlopende betalingen. De beschikbaarheid van titels verschilt per regio, waardoor gewilde films of series onverwacht kunnen verdwijnen. Gebruikers zijn gebonden aan het aanbod van de diensten waarop zij geabonneerd zijn.
  • Beeld- en Geluidskwaliteit: Fysieke media bieden vaak een hogere beeld- en geluidskwaliteit. Blu-ray en 4K-UHD-schijven maken gebruik van minder compressie dan gestreamde content, wat resulteert in scherpere en gedetailleerdere beelden.
  • Extra's: Fysieke uitgaven bevatten vaak extra's zoals commentaar van regisseurs, verwijderde scènes en behind-the-scenes materiaal, iets wat streamingdiensten zelden bieden.
  • Duurzaamheid: Op de lange termijn kunnen fysieke media duurzamer zijn. Hoewel de productie van fysieke dragers grondstoffen en energie vereist, vraagt continu streamen om grote hoeveelheden dataverkeer en energieverbruik in datacenters. Een fysieke schijf hoeft slechts eenmaal te worden geproduceerd en kan jarenlang meegaan zonder verdere milieu-impact. Bovendien kunnen fysieke media worden doorverkocht of gedeeld, wat bijdraagt aan een langere levenscyclus dan digitale content die aan een specifiek account is gebonden.

Uitdagingen voor Fysieke Media

De productie- en distributiekosten van fysieke media zijn hoger dan bij digitale alternatieven, wat zich vertaalt in hogere verkoopprijzen. Bovendien wordt hardware die fysieke dragers ondersteunt steeds schaarser. Veel moderne laptops worden bijvoorbeeld niet langer uitgerust met cd- of dvd-spelers. De terugkeer van vinyl toont echter aan dat er ruimte blijft voor fysieke formaten, mits er voldoende vraag is. Hoewel streaming waarschijnlijk de dominante vorm van mediaconsumptie zal blijven, bieden fysieke media blijvende voordelen die moeilijk volledig te vervangen zijn.

De Technische Werking van een DVD-speler

De werking van een dvd-speler lijkt sterk op die van een cd-speler. Een laser scant de sporen van de dvd-schijf, die bestaan uit minuscule putjes en bultjes, en leest de gegevens uit. De dvd-speler decodeert de MPEG-2 film en converteert deze naar een composiet videosignaal. Dit is noodzakelijk vanwege de extreem kleine afmetingen van de putjes en bultjes.

Essentiële componenten van een dvd-speler zijn:

  • Motor: Zorgt voor de rotatie van de dvd-schijf, met snelheden tussen 200 en 500 toeren per minuut, afhankelijk van de positie van de laser.
  • Laser- en lenzensysteem: Focust op de bultjes en putjes om de gegevens uit te lezen. De laserstraal van een dvd-speler heeft een kortere golflengte (640 nanometer) dan die van een cd-laser (780 nanometer), wat nodig is vanwege de kleinere putjes.
  • Mechanisme voor laserbeweging: Stelt de laser in staat om over de dvd-disc te bewegen en het spoor te volgen.

De laserstraal wordt gefocust op het spoor met de putjes en bultjes. De laser kan gericht zijn op een van de buitenste lagen of, in het geval van meerlagige dvd's, op een van de binnenste lagen. De laserstraal passeert de polycarbonaatlaag en wordt door de reflecterende laag teruggestuurd naar een opto-elektronische component die veranderingen in lichtsterkte detecteert. De bultjes reflecteren het licht anders dan de putjes, en deze component detecteert dat verschil.

Een belangrijk verschil met een gewone cd-speler is dat een dvd meerlagig kan zijn. Als een dvd een tweede laag heeft, kan de start van deze laag aan de buitenkant van de dvd liggen in plaats van in het centrum. Dit stelt de dvd-speler in staat om snel van de ene laag naar de andere over te schakelen zonder dat dit zichtbaar is op het beeld.

Beeld- en Geluidsuitgangen

Dvd-spelers beschikken over verschillende uitgangen voor beeld en geluid:

  • Component video: Deze uitgangen bieden de hoogste kwaliteit voor het videosignaal naar de tv. Alleen de nieuwste high-end tv's beschikken over deze ingangen. Component video bestaat uit drie aparte connectoren.
  • S-video: Biedt een behoorlijk goede beeldkwaliteit en komt veel voor.
  • Composite video: Dit zijn de meest voorkomende en bekendste uitgangen, herkenbaar aan het gele plastic aan de binnenkant. Ze leveren een nauwkeurige beeldkwaliteit.
  • Digitale audio-uitgangen (optisch of coaxiaal): Deze digitale uitgangen vereisen dat de receiver het digitale signaal decodeert naar analoog geluid. Indien de receiver Dolby Digital-compatibel is, kan een van deze uitgangen worden gekozen.
  • 5.1-kanaals uitgangen (analoge RCA): Dit zijn zes cinch-uitgangen, elk voor een specifiek Dolby Digital-kanaal (links voor, rechts voor, center, links achter, rechts achter en subwoofer). Een dvd-speler met deze uitgangen decodeert het Dolby Digital-signaal intern en beschikt over een DAC (digitaal-analoog-converter) om het geluid via zes analoge uitgangen aan te bieden. Dit is essentieel als de receiver geen ingebouwde Dolby Digital-decoder heeft.
  • Stereo RCA-uitgangen: Deze uitgangen leveren enkel stereogeluid en kunnen worden gebruikt om de dvd-speler aan te sluiten op een televisie met slechts twee luidsprekers, zonder home cinema-systeem.

De Toekomst van Dataopslag: Optische Opslag in 3D

De voortdurende toename van digitale data vereist steeds grotere opslagcapaciteiten. De techniek die aan de University of Shanghai for Science and Technology wordt ontwikkeld, is gebaseerd op optical data storage, dezelfde laserlicht-gebaseerde methode die wordt gebruikt voor cd's en dvd's, maar dan in 3D. Dit maakt het mogelijk om niet één, maar honderden lagen te gebruiken voor het opslaan van nullen en enen. Hierdoor kunnen op één enkele 'dvd' petabits aan gegevens worden opgeslagen. Eén petabit is gelijk aan 125.000 gigabyte, wat voldoende is voor een miljoen speelfilms in standaardresolutie op één plaatje.

Deze nieuwe optische opslagmethode maakt gebruik van een nieuw materiaal, de zogenaamde AIE-DDPR (aggregation-induced emission dye-doped photoresist). Gefocust licht en kleurstof worden gecombineerd om de gegevens te schrijven. Hoewel deze technologie veelbelovend is, is er nog een aanzienlijke weg te gaan voordat deze op grote schaal kan worden toegepast.

Grafische weergave van de 3D optische dataopslagtechniek.

tags: #dvd #nooit #te #oud