De meeste dvd-spelers worden op een televisie aangesloten, maar er zijn ook spelers met een eigen lcd-scherm, de zogenaamde draagbare dvd-spelers. De productie van de meeste dvd-spelers vindt plaats in China.

Hoe een DVD-speler werkt
Dvd's werken met optische gegevens. Een dvd-speler leest deze gegevens door middel van een laser met een korte golflengte die op de schijf gericht staat.
Elke dvd-speler produceert stereogeluid, wat neerkomt op twee audiokanalen. Op de achterkant van de speler vindt men doorgaans een scart-uitgang en/of twee tulpstekker-uitgangen (meestal rood en wit) voor de audio- en videosignalen.
Surround Sound en Audio-uitgangen
Veel dvd-schijven bevatten films met 5.1- of 7.1-geluid (surround sound), bestaande uit vijf of zeven tweeters en een subwoofer. Om dit geluid weer te geven, heeft de dvd-speler meer audio-uitgangen nodig. Een dvd-speler met aparte Cinch-uitgangen voor surround sound is echter relatief zeldzaam.
Vaker is er een enkele Cinch-uitgang waarop alle kanalen gemultiplext zijn, wat coaxiaal wordt genoemd, of een optische uitgang. Voor het afspelen van surround sound is altijd een versterker nodig met een vergelijkbare ingang.

Multimediafunctionaliteit van DVD-spelers
De huidige generatie dvd-spelers kan vaak ook mp3-cd's en cd's met fotobestanden afspelen. Met de juiste software op een computer met een dvd-station is het ook mogelijk om dvd-films te bekijken; de software regelt dan het decoderen van de data op de dvd.
De DVD als medium
Elke film is tegenwoordig verkrijgbaar op DVD. Ook oudere films worden geleidelijk opnieuw uitgegeven op dit formaat. Het DVD-formaat biedt uitstekende beeld- en geluidskwaliteit.
Een DVD lijkt sterk op een CD, maar kan aanzienlijk meer data opslaan. Op een standaard DVD kan tot zeven keer meer gegevens worden opgeslagen dan op een CD. Soms worden DVD's ook uitsluitend met muziek gevuld.
De beeldkwaliteit van een DVD is zeer goed. De meeste DVD's ondersteunen Dolby Digital of DTS-geluid, wat vergelijkbaar is met de geluidskwaliteit in de bioscoop. Gebruikers hebben directe toegang tot verschillende scènes dankzij handige menu's, wat de noodzaak van heen en weer spoelen, zoals bij videorecorders, elimineert. DVD-spelers kunnen ook gewone audio-CD's afspelen.
Meestal kan men kiezen uit verschillende talen en ondertitels bij een film. Zo kan de film Garfield bijvoorbeeld in de originele versie met Nederlandstalige ondertitels worden bekeken, of in een nagesynchroniseerde Vlaamse versie, iets wat vroeger twee videocassettes vereiste.

Structuur en Fabricage van een DVD
DVD's zijn even groot en dik als een CD en worden op dezelfde manier gefabriceerd. Een DVD bestaat uit meerdere lagen plastic, elk ongeveer 1,2 mm dik, gemaakt van polycarbonaat. Via een speciaal proces wordt een lange spiraal van putjes en bultjes gecreëerd.
Nadat het polycarbonaat zijn vorm heeft gekregen, wordt er een dunne reflectieve laag overheen gespoten. Voor de binnenste lagen wordt aluminium gebruikt, terwijl voor de buitenste lagen een half reflecterende gouden laag wordt toegepast om de laser ook de binnenste lagen te laten lezen.
Dit spiraalvormige spoor begint in het midden en loopt naar de buitenkant. De datasporen zijn extreem dun: twee opeenvolgende tracks liggen slechts 740 nm (nanometer) uit elkaar. De term 'bumps' wordt soms gebruikt in plaats van 'pits', omdat de putjes in het aluminium van de lees-zijde gezien 'bumps' lijken. De microscopische afmetingen van de 'pits' maken het spoor op een DVD uitzonderlijk lang; als de gehele dataspiraal van een DVD-schijf zou worden uitgevouwen, zou deze bijna 14 kilometer lang zijn.
DVD's verhogen de hoeveelheid data door zowel de grootte van de 'pits' als de track pitch (de afstand tussen twee opeenvolgende tracks) te verkleinen. Dankzij deze hogere dichtheid en het gebruik van multilayers (meerlagen) kan er dus aanzienlijk meer informatie op een DVD worden opgeslagen dan op een gewone CD.

Videocompressie voor DVD's
Ondanks de grote opslagcapaciteit van een DVD, kan een ongecomprimeerde videofilm er niet volledig op worden geplaatst. Hoe hoger de kwaliteit van digitaal beeld en geluid, hoe meer bits nodig zijn om de informatie op te slaan, wat meer opslagruimte vereist. Voor één minuut muziek van cd-kwaliteit is bijvoorbeeld al ongeveer tien megabyte schijfruimte nodig.
Eind jaren tachtig was het duidelijk dat er manieren ontwikkeld moesten worden om data handiger en compacter op te slaan en te versturen. Om een film op een DVD te krijgen, is daarom videocompressie noodzakelijk. Films worden op DVD's gecodeerd in het MPEG-2 formaat, een wereldstandaard.
Een film wordt gemaakt met 24 beelden per seconde (frames). In Europa wordt veelal het PAL-formaat gebruikt, dat 25 beelden per seconde toont, waarbij elk beeld is onderverdeeld in twee halve beelden (fields).
De MPEG-encoder analyseert elk frame en bepaalt de meest efficiënte coderingsmethode, waarbij overbodige informatie wordt weggelaten. Dit geldt zowel voor stilstaande beelden (bijvoorbeeld grote vlakken met dezelfde kleur) als voor bewegende beelden, waarbij informatie van vorige frames kan worden gebruikt om het huidige frame samen te stellen.
Coderingsmethoden: Intraframe, Predicted Frame, Bidirectioneel Frame
- Een intraframe bevat alle data van dat specifieke frame, met de minste compressie.
- Een predicted frame bevat slechts de benodigde informatie om het frame te tonen op basis van een vorig intraframe of predicted frame. Dit frame bevat dus enkel data die is veranderd ten opzichte van het vorige frame. Om dit frame te kunnen tonen, heeft de DVD-speler informatie van omliggende (voorgaande en volgende) intraframes of predicted frames nodig.
- Bij het opbouwen van een bidirectioneel frame gebruikt de decoder interpolatie (een soort gemiddelde) van de omliggende frames om de positie en kleur van elke pixel te berekenen.
Afhankelijk van het type scène dat wordt gecodeerd, zal de encoder een van deze drie methodes gebruiken. Bijvoorbeeld, een nieuwsuitzending kan veel predicted frames gebruiken omdat het decor lang hetzelfde blijft. Een snelle actiescene daarentegen zal vaker intraframes gebruiken vanwege de snelle beeldveranderingen.

Audio Decoders en Versterkers
Als een receiver 'Dolby Digital ready' is, betekent dit dat deze geen ingebouwde Dolby Digital decoder heeft. In dat geval moet de decoder zich in de DVD-speler bevinden en moeten de 5.1-uitgangen aanwezig zijn op de DVD-speler.
Componenten van een DVD-speler en Lasertechnologie
De werking van een DVD-speler is vergelijkbaar met die van een CD-speler. De laser scant de sporen van de DVD-schijf en leest de putjes en bultjes. De DVD-speler decodeert de MPEG-2 film en zet deze om in een composiet videosignaal.
Essentiële componenten van een DVD-speler zijn:
- Een motor die de DVD-schijf draait met snelheden tussen 200 en 500 toeren per minuut, afhankelijk van waar de laser zich op de schijf bevindt.
- Een laser- en lenzensysteem dat focust op de bultjes en deze uitleest. Het licht van een DVD-laser heeft een kortere golflengte (640 nanometer) dan dat van een CD-laser (780 nanometer), wat nodig is vanwege de kleinere putjes.
- Een mechanisme dat de laser over de DVD-disc beweegt om het spiraalvormige spoor te volgen.
Fundamenteel focust de DVD-speler zijn laserstraal op het spoor met de putjes en bultjes. De laser kan gefocust zijn op een van de buitenste lagen of, bij meerlagige DVD's, op een van de binnenste lagen. De laserstraal passeert de polycarbonaatlaag, wordt door de reflecterende laag teruggekaatst naar een opto-elektronische component die veranderingen in lichtsterkte detecteert. De bultjes reflecteren het licht anders dan de putjes, en de opto-elektronische component registreert dit verschil.
Een belangrijk verschil met een CD-speler is dat een DVD meerlaags kan zijn. Als een DVD een tweede laag heeft, kan de start van deze laag aan de buitenkant van de DVD liggen in plaats van in het centrum. Dit stelt de DVD-speler in staat om snel van de ene laag naar de andere over te schakelen zonder dat dit zichtbaar is op het beeld.

Video- en Audiouitgangen
Video-uitgangen
- Component video: Deze uitgangen bieden de hoogste videokwaliteit naar de TV en zijn te vinden op de nieuwste high-end televisies. Component video bestaat uit drie aparte connectoren.
- S-video: Biedt een behoorlijk goede videokwaliteit en is een veelvoorkomende aansluiting.
- Composiet video: Dit zijn de meest voorkomende en bekendste uitgangen, herkenbaar aan het gele plastic aan de binnenkant van de connector. Ze leveren een nauwkeurige beeldkwaliteit.
Digitale Audio-uitgangen
- Digitale audio-uitgangen (Coaxiaal/Optisch): Deze uitgangen verzenden digitale informatie die door de receiver moet worden gedecodeerd naar analoog geluid. Als u een Dolby Digital receiver heeft, kunt u een van deze twee uitgangen kiezen.
- 5.1-kanaals uitgangen: Dit zijn 6 cinch-uitgangen, elk bestemd voor een specifiek Dolby Digital-kanaal (links voor, rechts voor, center, links achter, rechts achter en subwoofer). Een DVD-speler met deze uitgangen decodeert het Dolby Digital-signaal zelf en beschikt over een ingebouwde digitaal-naar-analoog-converter (DAC). Deze zijn nodig als uw receiver geen Dolby Digital decoder heeft.
- Stereo-uitgangen: Uit deze uitgangen komt alleen stereogeluid. Ze zijn bedoeld om de DVD-speler aan te sluiten op een televisie met slechts twee luidsprekers, zonder home cinema luidsprekeropstelling.

Aansluiten en Gebruik van een DVD-speler
Om dvd's af te spelen op uw tv heeft u een dvd-speler nodig. Deze wordt meestal aangesloten met een HDMI-kabel en een stekker in het stopcontact. Veel dvd-spelers bieden ook de mogelijkheid om een USB-stick aan te sluiten om films of foto's af te spelen, en kunnen daarnaast ook cd's afspelen.
Het voordeel van dvd-spelers is de goede HD-beeldkwaliteit. In tegenstelling tot streamingdiensten, die bestanden moeten verkleinen en afhankelijk zijn van de internetverbinding, bieden dvd's een consistente hoge kwaliteit.
DVD-spelers voor Smart TV's
DVD-spelers worden aangesloten via HDMI-kabels. Als uw smart-tv een HDMI-ingang heeft, kunt u de dvd-speler eenvoudig aansluiten. Een HDMI-kabel verzendt zowel beeld- als geluidssignalen naar de televisie. Let op: HDMI-kabels worden meestal niet meegeleverd.
Bekende merken dvd-spelers zijn onder andere Philips, LG, Sony en Salora. Productspecificaties geven vaak aan of een speler compatibel is met uw smart-tv, of u kunt advies vragen aan experts.
Klassiekers en Alternatieven voor Streaming
Het kijken van dvd's biedt een alternatief voor populaire streamingdiensten. Veel klassiekers zijn niet zomaar te vinden op streamingplatforms, waardoor een dvd-speler essentieel kan zijn. Ook kunnen videobanden nog steeds worden omgezet naar dvd's.
Een dvd-speler is een betaalbare uitbreiding van uw thuisentertainment. Veel mensen verkiezen nog steeds het kijken van dvd's of Blu-rays omdat men slechts één keer voor een film betaalt, zonder maandelijkse abonnementskosten.
Aansluitstandaarden
Een DVD-speler, wat staat voor ‘Digital Versatile Disc’ (of ‘Digital Video Disc’), is de opvolger van de videoband. Een DVD-speler sluit u eenvoudig aan op uw TV door middel van een HDMI-, scart- of composietkabel.
- SCART (ook wel Euroconnector genoemd): Een Franse standaard uit 1978, die verplicht was op alle televisie- en videoapparatuur die in Frankrijk op de markt werd gebracht vanaf 1981. SCART is een analoge standaard en is inmiddels vervangen door digitale standaarden zoals HDMI. Apparaten als videorecorders, DVD-spelers en oudere spelcomputers maken gebruik van SCART.
- HDMI (High-Definition Multimedia Interface): De huidige standaard voor audio- en videosignalen en een bekende verschijning in de meeste huishoudens. Op de meeste TV's heeft HDMI de plek van SCART ingenomen.
- USB: Met een USB-aansluiting kunt u muziek en video's afspelen vanaf een USB-stick of externe harde schijf. USB-A komt nog veel voor, maar nieuwere apparaten gebruiken steeds vaker USB-C. Een verloopstekker kan hierbij helpen.
Elke dvd-speler kan overweg met dvd's en cd's. Voor films of games op Blu-ray discs is een aparte Blu-rayspeler nodig.
Een doorsnee externe dvd-speler kost enkele tientallen euro's. Er zijn ook portable of draagbare dvd-spelers te koop; dit zijn apparaten met een ingebouwd scherm, bedoeld om zelfstandig dvd's af te spelen.