De grenzen van het menselijk lichaam: rode bloedcellen onder extreme belasting
Een marathon is al een aanzienlijke belasting voor het lichaam. Wie echter nog verder gaat, lijkt in de problemen te komen. Dat fanatieke ultralopers tijdens wedstrijden rode bloedcellen verliezen, was al bekend. Maar wat er precies misgaat in het bloed bleef tot nu toe vaag.
Rode bloedcellen zijn de koeriers van ons lichaam. Ze vervoeren zuurstof, voedingsstoffen en afvalstoffen van A naar B via ons hart- en vaatstelsel en moeten zich daarvoor door piepkleine haarvaten wringen. Flexibiliteit is een groot goed voor deze cruciale lichaamscellen. Nieuw onderzoek wijst nu uit dat deze flexibiliteit na langeafstandswedstrijden afneemt. De rode bloedcellen worden stijver en raken beschadigd op moleculair niveau.
“Deelname aan dit soort extreme sportevenementen veroorzaakt ontstekingen in het lichaam en beschadigt rode bloedcellen”, zegt biochemicus Travis Nemkov. “We kunnen op basis van deze gegevens niet zeggen of mensen dit wel of niet moeten doen.”

Mechanische schade en moleculaire veranderingen
Voor de studie analyseerde het team bloedmonsters van 23 lopers voor en na twee beruchte bergraces: een 40 kilometer lange wedstrijd in de Alpen van het Zwitserse Martigny naar het Franse Chamonix en de loodzware 171 kilometer lange Ultra Trail du Mont Blanc. In het bloed werden duizenden eiwitten, vetten en andere moleculen doorgelicht.
De mechanische schade ontstaat waarschijnlijk door drukverschillen in de bloedbaan tijdens het rennen. Na 40 kilometer waren de effecten al duidelijk meetbaar. Maar bij 171 kilometer sloeg de meter nog veel verder uit. “Ergens tussen een marathon en een ultramarathon begint de schade echt door te zetten”, vertelt hoofdonderzoeker Nemkov.
De patronen die de onderzoekers zagen, lijken sterk op processen die optreden wanneer bloed wordt opgeslagen voor transfusies. Ook dan raken rode bloedcellen na verloop van tijd beschadigd en minder bruikbaar. “Rode bloedcellen zijn bijzonder veerkrachtig, maar ook erg gevoelig voor mechanische en oxidatieve stress”, zegt onderzoeker Angelo D’Alessandro, die ook verbonden is aan de University of Colorado Anschutz. “Extreme duursport zorgt ervoor dat deze cellen versneld verouderen. We zien dat dit gebeurt vanwege mechanismen die sterk lijken op wat we zien bij bloedopslag. Door die overeenkomsten te begrijpen, leren we hoe we bloedcellen beter beschermen.”
De studie is relatief klein van opzet en kent nog een aantal beperkingen: er zijn slechts 23 deelnemers, de diversiteit laat te wensen over en er zijn maar twee meetmomenten tijdens het experiment. Het menselijk lichaam kan veel aan, maar zelfs de taaie rode bloedcellen van zeer goed getrainde duursporters hebben hun grenzen.
De populariteit van hardlopen: motivatie en maatschappelijke impact
Hardlopen is ongekend populair. Dit jaar gingen we massaal verder met hardlopen. Wat is de aantrekkingskracht? Wat doet het met je lichaam, je brein, je mentale gezondheid en je sociale leven? Wat zegt de hardloop-hype over onze maatschappij?
In aanloop naar de Nijmeegse Zevenheuvelenloop, dit jaar in recordtijd uitverkocht, bracht Radboud Reflects twee wetenschappers samen om de winst- en verliesrekening van het intensief sporten op te tekenen. Eigenlijk hadden we dit artikel ook al in 2023 of 2024 kunnen schrijven, want hardlopen is al langer ongekend populair. De Zevenheuvelenloop was niet de enige wedstrijd die razendsnel uitverkocht. Regionale lopen zagen een run op tickets en ook de 17.000 startbewijzen voor de marathon van Rotterdam, april dit jaar, waren binnen tweeënhalf uur uitverkocht.
Hetzelfde gold voor een hardloopavond met lezingen over de rensport, in aanloop naar de Zevenheuvelenloop. Fysioloog Maria Hopman zette tijdens deze avond de talloze gezondheidsvoordelen van het hardlopen nog een keer op een rijtje. Ze wees op de positieve invloed op tientallen ziektes die samenhangen met te weinig bewegen, zoals diabetes, hartziektes, suikerziekte of aandoeningen die samenhangen met een haperend immuunsysteem. Wie hardloopt is minder vaak ziek en vermindert het ziekteverzuim, vatte ze samen. Een en ander hangt samen met een verhoogde hartactiviteit en het intensiever rondpompen van het bloed door het lichaam.

Gezondheidsvoordelen en risico's
Ze kon de zaal, afgeladen met Zevenheuvelenloopdeelnemers, geruststellen: een belangrijk negatief effect van het hardlopen - oververhitting - wordt dankzij het herfstseizoen getemperd. Bij de finish meet de gemiddelde loper twee graden meer dan bij de start, zo’n 39 graden. Maar het wordt pas riskant bij meer dan 40, 41 graden. Sowieso nuanceerde zij de negatieve effecten van het intensief sporten. Alleen wie extreme afstanden loopt, en dat voor langere tijd, kan schadelijke effecten ondervinden, aldus Hopman.
Risico op hartfalen
Hoe zit het met het risico op hartfalen, aldus een vraag van een lid van Nijmegen Atletiek aan Hopman. De hoogleraar Integratieve Fysiologie wees erop dat het hartfalen zich inderdaad vaker voordoet dan thuis: het treft een op de honderdduizend lopers. Het iets hogere risico wordt gecompenseerd door de relatief veilige omgeving waarin de beroerte toeslaat: de hulpdiensten zijn er tijdens een loop immers sneller bij dan thuis.
Blijf je inspannen, ook op latere leeftijd, adviseert Hopman: trainen en wedstrijden bieden bovenop alle voordelen ook nog een extra alarmknop voor eventueel gezondheidsfalen. Een keertje een mindere training zegt nog niks, maar als je langere tijd onderpresteert ten opzichte van je gemiddelde trainingsprestaties, dan zou je je eens tot de huisarts kunnen wenden. Hopman: ‘Het intensief sporten is een goede graadmeter voor de stand van zaken in je lichaam. Het leert je beter naar je lichaam te luisteren.’
De sociale dimensie van hardlopen
Gespreksleider Cees Leijenhorst legde socioloog Hidde Bekhuis een paar ogenschijnlijke paradoxen voor: hardlopen is een individuele sport, die we vaak beoefenen in groepjes, waarbij de inspanningen worden bekroond met massaal bezochte wedstrijden. En met hardloopapp Strava delen heel veel lopers hun inspanningen met anderen, en leveren er commentaar op.
Bekhuis onderstreepte de sociale kanten van het hardlopen. Veelal in gunstige zin, omdat bijvoorbeeld trainen met een maatje of in een hardloopgroep enige sociale druk oplevert om op te draven. Een negatief effect kan de stress zijn die samenhangt met de gadgets: ze kunnen bevorderlijk zijn, en het kán verstandig zijn om met een app te trainen op je maximale hartslag. Maar ook hier: overdrijf het niet. Hopman vergeleek dit met een app die uitmaakt of je al dan niet goed hebt geslapen, waarna je na herhaaldelijke negatieve uitslagen nóg slechter gaat slapen. ‘Raak er niet gestrest van. Luister vooral naar je lichaam.’
Ook Bekhuis is beducht voor al die hartjes op Strava waarmee hardlopers elkaars prestaties becommentariëren. ‘Je moet lopen omdat je het leuk vindt, niet vanwege Strava.’
Blijven bewegen: de rol van beweegwijsheid
Het leuke van bewegen moeten we vanaf de jongste leeftijden benadrukken, aldus Bekhuis. Hij brak een lans voor aandacht voor ‘beweegwijsheid’, te beginnen in de peuterspeelzalen. Ook in het basisonderwijs kan dit de kinderen in beweging zetten, naast het op die leeftijd niet te onderschatten goede voorbeeld van de ouders. In het voortgezet onderwijs zijn de peers van grotere invloed, naast gymdocenten. Bekhuis signaleerde dat de aandacht voor beweegwijsheid in het onderwijs maar moeizaam van de grond komt. Het blijkt kennelijk lastig om het resultaat ervan vast te stellen, zo wees hij op een van de belangrijkste hobbels.
In de week na de Zevenheuvelenloop stuurde Bekhuis de debutanten een vragenlijst, waarin hij samen met zijn onderzoeksgroep wil nagaan wat deze mensen heeft aangemoedigd om zich in te schrijven. Hoe krijg je mensen in beweging, aldus een van de onderzoeksvragen van Bekhuis, maar ook: hoe houd je het vast? Hoe kun je de omgeving beïnvloeden om mensen in beweging te krijgen? De hoop van Bekhuis is dat velen binnen de onderzoeksgroep instemmen met een vervolg. Eén keer meedoen zet nog geen zoden aan de dijk, weet Bekhuis, zelf een intensief hardloper. Hoe houd je de samenleving in beweging, is voor hem een minstens zo belangrijke vraag.
Motivaties voor hardlopen: van fitheid tot mentale gezondheid
De één begint met hardlopen om fitter te worden, de ander om zijn hoofd leeg te maken. Uit het Runner’s World Hardlooponderzoek 2026 blijkt dat fitheid nog altijd de belangrijkste motivatie is, maar dat mentale gezondheid snel terrein wint.
Veranderende motivaties: een trend in hardlopen
Wat was de voornaamste reden om te beginnen met hardlopen? Het Runner’s World Hardlooponderzoek 2026 toonde het volgende aan:
- Om fitter te worden: 48,4%
- Voor mijn mentale gezondheid: 17,1%
- Om aan een wedstrijd deel te nemen: 13,1%
- Om af te vallen: 7,4%
- Groepsdruk: 0,6%
- Andere: 13,4%
Opvallend is dat de optie ‘om aan een wedstrijd deel te nemen’ vaker wordt aangeklikt dan voorheen. Slechts een klein deel laat zich door hun directe omgeving overhalen om te beginnen. Verder zien we dat fitheid nog steeds de belangrijkste reden is om te beginnen, maar dat het wel plaats maakt voor mentale gezondheid. Dit was namelijk vorig jaar de uitslag:
- Om fitter te worden: 57%
- Voor mijn mentale gezondheid: 12%
- Om af te vallen: 10%
- Andere: 21%
Het is lastig te zeggen of deze cijfers iets zeggen over welke mensen dit jaar meededen ten opzichte van vorig jaar of dat het iets zegt over de hardloper anno nu, maar opvallend is het wel. Vooral het feit dat mentale gezondheid wint aan aandeel terwijl er opties bij zijn gekomen duidt op een trend en ook het feit dat het een flinke stijging van 12 naar 17,1 procent betreft laat zien dat veel lopers zich bewust zijn van wat een rondje hardlopen met je hoofd kan doen. Deze aandelen zijn behoorlijk gelijk over verschillende generaties. Er bleek weinig verschil te zitten tussen lopers die jong begonnen (voor hun 30ste) en lopers die pas later begonnen (na hun 30ste).
De cijfers die wekelijks op ‘Data Donderdag’ worden gepubliceerd, zijn afkomstig uit het Runner’s World Hardlooponderzoek 2026. Alle resultaten zijn te vinden in Runner’s World 1 van dit jaar.
Nieuwe inzichten over een langer leven: kleine aanpassingen, grote winst
In een enorme dataset van 135.000 mensen lijkt een groep Noorse onderzoekers een belangrijke ontdekking te hebben gedaan over de route naar een langer leven - en deze zou weleens eenvoudiger kunnen zijn dan je misschien denkt.
De meeste mensen associëren een lang leven met wekelijks hardlopen, regelmatig naar de sportschool gaan en goed op je eten letten. Maar de resultaten van nieuw onderzoek duiden erop dat we ook grote gezondheidswinst kunnen boeken met kleine aanpassingen in ons dagelijks leven.

Vijf minuten stevig wandelen kan al het verschil maken
Dat is tenminste een deel van de conclusie van de wetenschappers achter twee nieuwe onderzoeken, gebaseerd op gegevens van honderdduizenden mensen. In de eerste studie, gepubliceerd in het prestigieuze wetenschappelijke tijdschrift The Lancet, analyseerden onderzoekers van het Oslo Research Centre for Physical Activity and Population Health gegevens van zo’n 135.000 volwassenen uit grote westerse bevolkingsonderzoeken in de VS en het VK.
Met behulp van fitnesstrackers kon het team verbanden berekenen tussen lichamelijke activiteit, stilzitten en sterfte. Slechts vijf minuten extra matige activiteit per dag - zoals stevig wandelen - leek in verband te staan met tot 10 procent minder sterfte op bevolkingsniveau. Wanneer de tijd die dagelijks zittend werd doorgebracht met 30 minuten werd verminderd, werd de verandering in verband gebracht met zo’n 7 procent minder sterfte.
De grootste relatieve winst werd waargenomen bij de 20 procent die al het minst actief was. ‘Kleine, realistische verhogingen van fysieke activiteit met een matige tot hoge intensiteit - slechts vijf minuten per dag - kunnen mogelijk tot 6 procent van de sterfgevallen bij individuen met een hoog risico voorkomen. Op bevolkingsniveau is tot 10 procent van de sterfgevallen potentieel te voorkomen,’ schrijven de onderzoekers in The Lancet.
Interactie tussen slaap, lichaamsbeweging en voeding
De tweede grote studie, die nog geen peerreview heeft ondergaan maar is gepubliceerd op de preprintserver eClinicalMedicine, richtte zich op de interactie tussen slaap, lichaamsbeweging en voeding. Het onderzoek analyseerde gegevens van bijna 60.000 volwassenen in de UK Biobank.
We leven steeds langer, maar mensen in veel westerse landen zijn een groot deel van de laatste jaren van hun leven ziek. Onderzoeker en fysioloog Matthew Lees wil daar verandering in brengen. Daarom heeft hij twee specifieke dingen in zijn dagelijks leven geïmplementeerd om zijn veroudering te vertragen.
De onderzoekers vergeleken mensen met weinig slaap, weinig activiteit en een ongezond voedingspatroon met mensen die 7 tot 8 uur sliepen, minstens 40 minuten per dag lichamelijk actief waren en gezond aten.
Hardlopen en junkfood: hoe beweging de schade kan beperken
Een ongezond eetpatroon kan niet alleen je lichaam, maar ook je humeur schaden. Toch is er goed nieuws, zeker voor de mensen die van hardlopen houden. Want, wat blijkt? Wetenschappers ontdekten dat beweging helpt om de negatieve effecten van een vet- en suikerrijk dieet deels terug te draaien.
Hardlopen zorgt voor veranderingen in de darmen en brengt belangrijke hormonen weer in balans. Onder leiding van professor Yvonne Nolan kregen ratten zeven weken lang normaal voer of voer met vet en suiker erin. De helft van de ratten mocht daarnaast vrij rennen in een loopwiel. De dieren die konden bewegen, vertoonden minder somber gedrag, ook als ze junkfood aten.
Maar wat gebeurt er nu in je lichaam als je junkfood eet? Volgens de wetenschappers verstoort een ongezond dieet de stofwisseling in de darmen. Maar rennen in een wiel bracht die balans weer terug. Ook in het bloed zagen de onderzoekers duidelijke verschillen. Ratten die ongezond aten en niet bewogen, hadden hogere waarden van de hormonen insuline en leptine, die een rol spelen bij vetopslag en eetlust.
Toch kan hardlopen niet álles goedmaken, waarschuwen de onderzoekers. De ratten die junkfood aten, maakten minder nieuwe hersencellen aan in de hippocampus, het deel van de hersenen dat belangrijk is voor emoties en geheugen. Dat betekent dat voeding bepaalt hoe goed je brein kan profiteren van sport.