Nederland bevindt zich in een fase van snelle vaccinatie, met de verwachting dat binnenkort iedereen die dat wenst, minstens één prik met een vaccin zal hebben ontvangen. Echter, Dick Bijl, voormalig hoofdredacteur van het Geneesmiddelenbulletin en gespecialiseerd epidemioloog, deelt deze optimistische kijk niet. In een aflevering van de podcast OP Z'N KOP! met Rick van Velthuysen en Marianne Zwagerman gaf hij aan dat hij zelf "zeker nog even wacht" met vaccinatie, hoewel hij benadrukte dat hij geen beslissingen voor anderen kan nemen.
Bijl, die ook president is van de International Society of Drug Bulletins en jarenlang hoofdredacteur van het Geneesmiddelenbulletin was, staat bekend om zijn kritische evaluatie van nieuwe farmaceutische producten voor artsen en apothekers. Zijn werk omvat een diepgaande analyse van de werkzaamheid en bijwerkingen van medicijnen, en hij bevraagt de noodzaak en verstandigheid van het wijdverbreide medicijngebruik.
De werkzaamheid van medicijnen onder de loep
Een centraal punt in de overwegingen van Dick Bijl, zoals verwoord in zijn werk "Het Pillenprobleem", is de vraag naar de bewijzen voor de werkzaamheid van medicijnen. Hij stelt dat medicijnen op de markt worden gebracht wanneer keuringsinstanties van mening zijn dat de voordelen groter zijn dan de nadelen. Dit roept de vraag op of de enorme hoeveelheden medicijnen die door honderdduizenden patiënten worden gebruikt, ook daadwerkelijk ten goede komen aan de gebruikers, gezien de winsten die de farmaceutische industrie hieruit haalt.
Vaccinatie: kritische kanttekeningen van een epidemioloog
Met betrekking tot de coronapandemie en de vaccinatiecampagne, merkt Dick Bijl op dat iedereen die om welke reden dan ook niet wil vaccineren, onmiddellijk wordt weggezet als "wappie". Hij acht dit onterecht. In de PowNed-podcast OP Z'N KOP! gaf hij aan zelf nog even te willen wachten met vaccinatie totdat de langetermijneffecten duidelijker zijn. Hoewel hij erkent dat de ziekenhuisopnames dalen naarmate meer mensen zich laten vaccineren, suggereert hij dat dit ook te wijten kan zijn aan het natuurlijke verloop van het virus. Volgens Bijl zijn de gepresenteerde effectiviteitsgetallen misleidend. Hij benadrukt het belang van de "number needed to vaccinate" (NNV), het aantal mensen dat gevaccineerd moet worden om één zieke te voorkomen. Dit getal ligt, naar zijn mening, op minimaal 100 personen, wat een ander beeld schetst dan de door farmaceutische bedrijven gepresenteerde effectiviteitscijfers.

Langetermijneffecten en onderzoeksbeperkingen
Bijl uit zijn zorgen over het feit dat de momenteel beschikbare vaccins onvoldoende zijn getest op ernstige bijwerkingen, met name op de lange termijn. Hij stelt dat mensen die gezond zijn, zeker onder de 60-70 jaar, nauwelijks risico lopen door het virus zelf, terwijl er "vervelende kantjes" aan de vaccins zitten. Hij vindt dat de overheid de omvang van het risico op ernstige bijwerkingen duidelijk moet maken, maar dat hier onvoldoende onderzoek naar is gedaan. Zelf wacht hij af, mede omdat hij het idee heeft dat het virus zich mogelijk aan het terugtrekken is, hoewel dit nog moet blijken.
Hij verwijst ook naar kritiek op de effectiviteitscijfers van het Pfizer-vaccin, zoals geuit door lector Peter Doshi van de University of Maryland School of Pharmacy. Doshi betwistte het door Pfizer gepresenteerde effectiviteitspercentage van 95%, onder andere vanwege een onduidelijke definitie van een geïnfecteerde patiënt en het niet meenemen van bepaalde groepen in de berekening. Doshi kwam tot een effectiviteitspercentage van maximaal 29%. Bijkomende kritiekpunten van Doshi betroffen methodologische tekortkomingen en protocolschendingen in het onderzoek, zoals het niet geblindeerd zijn van beoordelaars. Bijl onderschrijft de conclusies van Doshi en benadrukt de noodzaak om ruwe onderzoeksgegevens publiekelijk beschikbaar te maken, in lijn met uitspraken van het Europees Hof van Justitie.
De NNV versus relatieve risicoreductie
Dick Bijl acht de presentatie van vaccininformatie via relatieve risicoreductie, zoals het 95%-effectiviteitspercentage, te optimistisch. Hij pleit voor het gebruik van de "number needed to vaccinate" (NNV). Voor het Pfizer-vaccin, uitgaande van 95% effectiviteit, komt de NNV in het gunstigste geval neer op ongeveer 142 personen om één COVID-geval te voorkomen, terwijl anderen 256 berekenen. Ter vergelijking noemt hij het griepvaccin, waarbij 31 ouderen gevaccineerd moeten worden om één griepgeval te voorkomen (NNV van 70 voor volwassenen). Bijl ziet geen bezwaar in het vergelijken van griep en corona, aangezien beide influenza-achtige aandoeningen zijn die in de winter ziekte veroorzaken.

Veiligheid op korte en lange termijn
De veiligheid van de coronavaccins van Pfizer, Moderna en AstraZeneca op korte termijn is volgens Bijl vastgesteld, met milde bijwerkingen. Echter, bijwerkingen op de lange termijn zijn nog niet bekend. Hij geeft aan geen aanwijzingen te hebben gevonden in de registratiedossiers dat er onderzoek is gedaan naar mogelijke langetermijnbijwerkingen bij proefdieren, wat deels te wijten zou zijn aan de haast bij de ontwikkeling van de vaccins.
Er zijn volgens Bijl diverse onopgeloste vragen rondom de vaccins, zoals de invloed op virustransmissie, langetermijnbijwerkingen, en de effecten op vruchtbaarheid en zwangerschap. Recent Israëlisch onderzoek, gepubliceerd in het NEJM, dat een effect op verminderde virustransmissie en sterfte aantoont, noemt hij interessant. Hij merkt echter op dat de effectiviteit nu wordt beoordeeld op basis van observationele onderzoeken, die inherente risico's op vertekening met zich meebrengen, en dat alle onderzoeksresultaten, zowel positieve als negatieve, samengevat moeten worden in een meta-analyse.
Leefstijl als preventieve maatregel
Mensen vragen Bijl regelmatig of zij zich moeten laten vaccineren, maar hij geeft geen persoonlijk advies. Hij presenteert de feiten en laat de keuze aan het individu. Zelf laat hij zich nog niet vaccineren. Hij pleit er echter voor om meer in te zetten op leefstijlfactoren zoals gezonde voeding, beweging, gewichtsverlies, gepast alcoholgebruik en het voorkomen van infecties. Deze factoren kunnen het risico op COVID-19 verkleinen en het verloop van de infectie gunstig beïnvloeden. Hij wijst ook op het verband tussen chronisch geneesmiddelgebruik (waaronder psychofarmaca, maagzuurremmers en opioïden) en longontsteking, en roept huisartsen en apothekers op om het gebruik van dergelijke medicatie kritisch te beoordelen en waar mogelijk te beperken.