Het Begin van Televisie in Nederland
De eerste officiële Televisieavond in Nederland vond plaats op dinsdag 2 oktober 1951. Hoewel de radio nog lang niet verdween, rukte de televisie snel op. Onder het genot van een kopje koffie keken mensen naar het Nieuws dat over de hele wereld in de huiskamers binnenkwam. Ook amusementsprogramma's en Nederlandse en buitenlandse tv-series werden goed bekeken.
In 1956 werd het eerste journaal uitgezonden, dat nogal braaf en gezagsgetrouw was. De eerste nieuwslezer was Frits Thors, keurig in het pak. De presentatie deed wat krampachtig aan, daar de nieuwslezer bij elk onderwerp de gepaste blik en de juiste toon probeerde te treffen. Later werd het wat losser en ontspannender. Waar ter wereld men ook de televisie aanzette, overal verscheen hetzelfde beeld: een draaiende wereldbol, begeleid met muziek van slag- en blaasinstrumenten.
De omroepen vonden televisie een onbelangrijke en dure vernieuwing en wilden eigenlijk wachten tot Nederland er economisch gezien beter voor stond. De AVRO, KRO, NCRV en VARA werkten voortaan samen in de Nederlandse Televisie Stichting (NTS), die namens de omroepen als onderhandelingspartner optrad in wat 'de televisiekwestie' werd genoemd. De zendgemachtigden wilden wel meewerken aan het nieuwe medium, maar eisten van de overheid dat ze, ook na de experimentele periode, konden blijven uitzenden. De NTS verzorgde de eerste officiële Nederlandse televisie uitzending. Er werden eerst een aantal toespraken gehouden. Daarna werd het televisiespel "De toverspiegel" van Willy van Hemert uitgezonden. Particulieren en radiohandelaren hadden in totaal zo'n vijfhonderd televisietoestellen in bezit.
Philips Experimentele Televisie verhuisde van Eindhoven naar Hilversum. In Bussum werd het Irene kerkje omgebouwd tot Studio Irene. Via de zender in Lopik bereikte de straalzender in de kerktoren alle grote steden in het westen van het land. Er komt een einde aan de experimentele fase van televisie. In eerste instantie was de positie van de NTS onduidelijk. De omroepverenigingen wilden de NTS uitsluitend namens de zengemachtigden gezamenlijke programma's laten verzorgen. De politiek was voor een zelfstandige NTS met een eigen, algemeen programma. Naast het luistergeld werd ook kijkgeld ingevoerd.

Jeugdprogramma's in de Jaren '50
Het jeugdprogramma werd elke week door een andere omroep verzorgd. Het werd met zorg gemaakt, want de programmamakers waren zich goed bewust van hun verantwoordelijkheden. Het kinderhalfuurtje werd een succes. Niet iedereen had al een televisie; het was een dure aanschaf voor die tijd. Maar wie er in de straat wel een tv had, daar zaten de kinderen uit de buurt op woensdagmiddag in de huiskamer met z'n allen te kijken en zwaaiden na afloop naar tante Hannie.
Televisie maakte in het begin van de kinderprogramma's enorm veel indruk op jonge kijkers. Het contact met de omroepsters, de presentatoren en veel acteurs was vaak persoonlijk.
Bekende Kinderprogramma's en Series
Swiebertje
De vrolijke vagebond Swiebertje was voor het eerst te zien in twee televisiespelen in 1955, die rechtstreeks werden uitgezonden. Vanaf 1961 waren de grappige avonturen van de zwerver als zelfstandige serie te zien, die zou uitgroeien tot een van de best bekeken en meest geliefde series van de Nederlandse televisie. Swiebertje had het regelmatig aan de stok met veldwachter Bromsnor, maar kon het goed vinden met Saartje, de huishoudster van de burgemeester. In de loop der jaren deden diverse personages hun intrede, waarvan Malle Pietje, samen met kaketoe Sjako, tot het einde van de serie zou blijven. Deze pandjesbaas werd de beste vriend van Swiebertje en hielp hem regelmatig uit de handen van Bromsnor te blijven. Bromsnor, Saartje en de burgemeester werden door verschillende acteurs gespeeld, maar Joop Doderer speelde Swiebertje twintig jaar lang.

IJsco de ijsbeer
IJsco de ijsbeer begon zijn avonturen op zaterdagmiddag 12 oktober 1957 en was elke maand te zien. Het programma liep met de gebruikelijke vakantieonderbrekingen tot 27 april 1959. Naast IJsco zelf waren allerlei andere figuren te zien, zoals de muizen Tips en Tops, Li-Sen de chinees, Hannes de olifant en anderen.
De Verrekijker
De verrekijker was een kinderprogramma. In het programma werd de kijkertjes een blik gegund op allerlei bezienswaardigheden die zich buiten de Nederlandse landsgrenzen voltrokken. Een aflevering bestond uit drie reportages uit het buitenland met aandacht voor de wijze waarop kinderen in het buitenland leven, spelen en leren. Daarnaast werd de geschiedenis en cultuur van het land toegelicht.
Pipo de Clown
Pipo, de beroemdste clown van de televisie, verscheen al in 1958 op het scherm. Door de jaren heen verzamelde hij een reeks familie, vrienden en boeven om hem heen, die hem hielpen, of juist tegenwerkten. Zijn vrouw Mammaloe, dochtertje Petra (“Welterusten Papa Pipo”), zusje Plom, Pipo’s grootste vriend Klukkluk (“ossiepossie, zeg, mij zijn niet van de bange, mij zijn van de voorzichtige”), De Dikke Deur, directeur van Circus Frivola en voormalig werkgever van Pipo. De boeven Snuf en Snuitje (“Mm-mooie parels, f-fijne parels”), papegaai Foefie en natuurlijk het ezeltje Nonononono. Niet alleen op televisie, ook op platen en in boeken beleefde de door Wim Meuldijk tot leven gebrachte levensgenieter spannende avonturen.

Coco en de Vliegende Knorrepot
De poppenserie “Coco en de Vliegende Knorrepot” ging over het jongetje Coco en zijn vliegende tovervarkentje Knor. De serie was een onderdeel van het programma “Kijkkast” en duurde in het begin 10 minuten en later, toen bleek dat de serie een danig groot succes was, 20 minuten.
Mowgli (Jungle Boek)
In deze Nederlandse kinderserie van de NCRV werd het bekende verhaal verteld van Mowgli, een jongen die als baby is achtergelaten in de jungle en wordt opgevoed door wolven.
Coco en de Vliegende Knorrepot
De poppenserie “Coco en de Vliegende Knorrepot” ging over het jongetje Coco en zijn vliegende tovervarkentje Knor. De serie was een onderdeel van het programma “Kijkkast” en duurde in het begin 10 minuten en later, toen bleek dat de serie een danig groot succes was, 20 minuten.
Coco en de Vliegende Knorrepot
De poppenserie “Coco en de Vliegende Knorrepot” ging over het jongetje Coco en zijn vliegende tovervarkentje Knor. De serie was een onderdeel van het programma “Kijkkast” en duurde in het begin 10 minuten en later, toen bleek dat de serie een danig groot succes was, 20 minuten.
De Goochelaar en zijn Chinese Bediende
Goochelaar Adrie van Oorschot en zijn Chinese bediende Liang waren de hoofdpersonen in deze populaire serie van de KRO. En af en toe kwamen er interessante gasten langs, zoals Abbetje Habbekuk of de uitvinders Hong Sjok. Het programma was in de jaren vijftig bijzonder populair. Er zijn 48 afleveringen van gemaakt.
Internationale Series op de Nederlandse Televisie
Ivanhoe
Ivanhoe is gebaseerd op de roman “Ivanhoe” geschreven door Sir Walter Scott, en gepubliceerd in 1819. In 1913 werd Ivanhoe voor de eerste keer verfilmd en in 1952 gebeurde dit nogmaals. Het succes van de film was indirect aanleiding om in 1958 een televisieserie te maken over Ivanhoe (een Britse serie), waarbij zijn avonturen met schildknaap Gurth en zijn zoon Bart slechts losjes op het boek gebaseerd zijn. De hoofdrol werd gespeeld door de jonge Roger Moore. De serie werd in Nederland uitgezonden door de KRO van 21 oktober 1961 tot 25 juli 1964. Ivanhoe zou uitgroeien tot één van de populairste series van de jaren ’60. Voor deze serie werd de titelmelodie van Albert Elms in het Nederlands vertaald en gezongen door Co Hagendoorn. Sir Wilfred, of Ivanhoe, is een ridder die zich verzet tegen de Normandische prins John. Als plaatsvervanger van koning Richard Leeuwenhart onderdrukt hij het Saksische volk, onder andere geholpen door sir Maurice. Ivanhoe op zijn beurt kan rekenen op zijn trouwe helpers, de smid Gurth en diens aangenomen zoon, de 12-jarige Bart. Hij is iedere aflevering als eerste te zien wanneer hij Ivanhoe’s naam scandeert door de bossen van Engeland. Die bossen stonden niet alleen in Engeland, want er werden ook opnamen gemaakt in Californië waar het weer minder onvoorspelbaar is.

Lassie
In Amerika begon men in 1954 al met deze serie op tv uit te zenden. Men baseerde de serie op het jeugdboek “Lassie come home” van de schrijver Eric Knight. Er is ook een film van gemaakt. Lassie is, zoals genoemd, een collie of een Schotse herdershond. Ze is langharig en heeft dus een lange, zijdeachtige vacht met een dikke ondervacht. De televisieserie werd in Nederland van 1962 tot 1980 door de NCRV uitgezonden.
The Lone Ranger
Een Amerikaanse westernserie die op de Amerikaanse televisie werd uitgezonden van 1949 tot 1957. De serie telt 5 seizoenen. Tussen 1950 en 1970 tekende Tom Gill de moedige revolverheld Lone Ranger in een stripboekenreeks die samen met zijn Indiaanse maat Tonto voor gerechtigheid in het Wilde Westen strijdt. Een groep van zes Texas Rangers is een bende Mexicaanse bandieten op het spoor. Wanneer de Rangers in de val worden gelokt, krijgen ze één voor één de kogel. Eén van hen overleeft de bloedige aanslag. Hij wordt The Lone Ranger!
Schipper naast Mathilde
“Schipper naast Mathilde” was een succesvolle Vlaamse televisieserie die van 1955 tot 1963 op de Vlaamse openbare omroep te zien was. Dit programma is één van de grote klassiekers van de Vlaamse televisie. Het was bijzonder populair eind jaren vijftig, begin jaren zestig en er werden maar liefst 185 afleveringen gemaakt. Alle afleveringen werden live uitgezonden. De serie ging over de gepensioneerde schipper Mathias, zijn lieve zus Mathilde, de geadopteerde dochter Marianneke, de bemoeizuchtige Madam Krielemans, de stotterende en deftige Philidoor, de oerdomme Sander en Hyppoliet Maréchal die voortdurend Franse uitdrukkingen gebruikte, maar wel continu taalfouten maakte.
Rawhide
“Rawhide” was een Amerikaanse westernserie, die van 1959 t/m 1966 op de Nederlandse televisie werd uitgezonden. De herkenningsmelodie werd gezongen door Frankie Laine die hiermee grote bekendheid verwierf. Clint Eastwood begon zijn carrière met het spelen van Rowdy Yates, de wat slungelachtige rechterhand van ‘trail-boss’ Gil Favor. De serie ging hoofdzakelijk om hetzelfde groepje cowboys, Gil Favor de leider van het stel, Mushy, Wishbone de kok, Jim Quince, Pete Nolan en Joe Scarlett, die op weg waren om een kudde vee te vervoeren naar de verkoopplaats. Onderweg maken ze allerlei avonturen mee. Die avonturen varieerden van catastrofale coyotes, vinnige veedieven, irritante indianen, woeste weersomstandigheden tot amoureuze afspraken. En natuurlijk alles wat daar tussen zit. Rawhide is een klassieke tv-serie die een grote internationale hit werd in de jaren vijftig en zestig.

I Love Lucy
Lucille Ball kreeg een rol in een radioprogramma in 1948 dat een succes werd; CBS vroeg haar om hiervan een TV-versie te maken. Ze wilde dit alleen doen als ze met haar man kon werken en zo werd het immens populaire “I Love Lucy” geboren. Deze TV serie maakte de beminnelijke roodharige lachebek Lucille Ball met afstand ’the first lady’ van de Amerikaanse televisie. In 1957 werd de laatste aflevering van “I Love Lucy” uitgezonden.
Bonanza
“Bonanza” was meer dan alleen maar weer een westernserie in een tijdperk waarin er een overvloed aan dit soort series op de buis te zien waren - het was namelijk een prima uitgedachte reclamestunt. De eerste aflevering was op 12 september 1959 in Amerika te zien. De serie was speciaal opgezet om in kleur te filmen en vooral in kleur op de televisie te zien. Het leek wel degelijk te werken, want de kleurentelevisie werd razend populair in die tijd. Daarnaast konden de kijkers veertien jaar lang naar de Cartwrights kijken en meeleven met hun avonturen. Zo werd “Bonanza” de op een na langst lopende televisieserie aller tijden. Alleen “Gunsmoke” met zijn zeventien jaar zou “Bonanza” voorbij streven! Wat was nu de reden wat “Bonanza” zo populair maakte bij de televisiekijkers? Het lag hem niet alleen aan de kleuren; de serie was vooral ook vriendelijker en meer op het gezin georiënteerd dan menig andere westernserie in die tijd. Verder bevatte het meer vuistgevechten dan revolverduels. Daarnaast stonden de Cartwrights centraal, een liefhebbende, altijd voor elkaar en anderen klaarstaande familie. Bovendien werden er belangrijke onderwerpen als vooroordelen in behandeld, in een tijd waarin dit bepaald niet gewoon was op televisie!

Andere Programma's en Ontwikkelingen
Bert Brugman en zijn Poppenkast
Het jeugdprogramma bestond voornamelijk uit films, vertellingen, reportages en poppenkastspelen voor kinderen, zoals “Kleutertje… Kijk”, “Dirk, de Zeehond”, “Swiebertje”, “Rikkel Nikkel” en “De Verrekijker”. Bedacht door Bert Brugman. Bert had een marionettentheater en had al naam gemaakt in de poppenwereld. Hij schreef, sprak stemmen in en speelde de avonturen van Dappere Dodo zelf, samen met zijn gezin.
Voor volwassenen waren er ook wel eens poppenspelen in de beginjaren van de televisie, zo speelde Bert Brugman spel van Willy van Hemert, “Twee Cameraatjes” en op 4 maart 1952 bij de KRO “Het oude lied”, een Biedermeier zangspel met muziek van Mozart en de stemmen van Frieda en Bert Brugman zelf.
Sciencefiction op de Televisie
Hoewel het genre sciencefiction zich in de stripwereld al heel overtuigend had gemanifesteerd met o.a. “Erik de Noorman” en “Kapitein Rob” was dit nog zeker in 1957 niet het geval bij de televisie. Toch werd er een start gemaakt met de allereerste Nederlandse sciencefiction televisieserie. De serie was overtuigend gemaakt met voor die tijd geloofwaardige decors, kostuums en speciale effecten. De dreigende invasie van bewoners van de planeet Hyperion wordt onderzocht door professor Plano waarbij hij probeert het gevaar te keren.
De titel “Varen is fijner dan je denkt” was niet de titel waar de serie mee begon. In de eerste elf afleveringen werd de hoofdrol namelijk gespeeld door kabouter Tinkeltje en werd de serie dan ook “Tinkeltje” genoemd. Toen deze na elf afleveringen van het scherm verdween, werd de serie omgedoopt tot “Varen is fijner dan je denkt”. De serie speelde zich af aan boord van de M.S. Er werden aan boord niet alleen spannende avonturen beleefd, maar ook was er tijd voor een leuke babbel en een liedje. Hoewel het zich hoofdzakelijk allemaal buiten afspeelde, werd alles in de studio opgenomen. Schaalmodellen werden er dan ook gebruikt om de verre reizen van de M.S. te suggereren.
Dorus en Tom Manders
Horecaondernemer Carel Kamlag begint in 1953 op het Rembrandtplein in Amsterdam het revuecafé Saint-Germain-de-Près. Hij schakelt Tom Manders in voor de inrichting en de programmering. In 1954 staat Manders voor het eerst zelf op het podium, dan al in streepjestrui en met piekharenpruik. Hij ontwikkelt dit type tot de praatgrage zwerver Dorus, met bolhoed en druipsnor. Eind 1954 benadert de VARA Manders om ‘iets voor de televisie te doen’. Hij stemt in, onder voorwaarde dat de inrichting van het café in de studio nagebouwd wordt en dat hij zelf het laatste woord heeft in de vormgeving en registratie van het programma. Twee seizoenen lang is het programma maandelijks te zien, daarna wat minder vaak. Dorus groeit uit tot een fenomeen in Nederland, niet in de laatste plaats omdat hij zeer inventief omspringt met het medium televisie. Radioproducent Karel Prior koppelt Manders aan organist Cor Steyn. Ze zijn samen voor het eerst op de radio te horen op 11 februari 1956, in het VARA-programma “De Showboat”. In 1957 staat Dorus garant voor drie grote hits: “Twee Motten”, “M’n Volkstuintje” en “Als ik wist dat je zou komen”.
Tom Manders was een Nederlandse tekenaar, komiek en cabaretier. Hoewel zijn geboorte officieel in de archieven staat als 24 oktober 1921, is hij eigenlijk op 23 oktober geboren. Zijn vader liet hem een dag later inschrijven, omdat hij voor een zondagskind natuurlijk geen vrije dag kreeg. Door Wim Kan kwam Tom Manders op het idee zelf cabaret te gaan doen. In 1972 belandt Tom Manders door een auto-ongeluk in het ziekenhuis, daar constateren de artsen kanker bij Manders. Drie weken later, op 26 februari, sterft hij aan een hartaanval.

Sinterklaas op Televisie
Ieder jaar komt Sinterklaas naar Nederland. En sinds 1952 wordt er op televisie ieder jaar, midden november, verslag gedaan van de intocht van Sinterklaas en zijn pieten.
Andere Ontwikkelingen en Programma's
In 1955 zocht de toenmalige NIR presentatoren voor het eerste jeugduur op de tv “Komt toch eens kijken”. Het werd Bob Davidse, samen met Paula Semer (tante Paula). Bob deed onmiddellijk een oproep om een club te stichten, de zogenaamde Tv-Ohee Club. Het werd een overdonderend succes, met 55.000 leden. Het bekendste liedje van Davidse was “Vrolijke Vrienden”.
De eerste live televisieregistratie van een voetbalwedstrijd vindt plaats. De omroepen vinden televisie een onbelangrijke en dure vernieuwing. Ze willen eigenlijk wachten tot Nederland er economisch gezien beter voor staat. Beurzen open, dijken dicht is de eerste gezamenlijke actie voor een goed doel op de Nederlandse televisie. De live uitzending, gepresenteerd door Johan Bodegraven, levert zes miljoen gulden (2,7 miljoen euro) op. De NCRV laat zien hoe een televisieavond in de Verenigde Staten eruit ziet, inclusief nagemaakte reclameboodschappen. Op initiatief van Herman Broekhuizen wordt de Miniatuur Jeugd Omroep Nederland (Minjon) opgericht.
Minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (Cals) dient een wetsontwerp in, om ook nieuwe organisaties die een maatschappelijk stroming vertegenwoordigen, de mogelijkheid te geven tot het omroepbestel toe te treden. Het verenigingsgebouw van de St. Willy Walden en Piet Muyselaar komen voor het eerst op televisie. De politiek is voor een zelfstandige NTS met een eigen, algemeen programma. 29 bedrijven, waaronder Philips, Unilever, C&A, V&D, Heineken en grote dagbladen verenigen zich in de Onafhankelijke Televisie Exploitatie Maatschappij (OTEM). Ze dienen een concessieaanvraag in voor een tweede, commercieel televisienet, naar Brits voorbeeld. Alle omroepen, behalve de VPRO, zijn fel tegen. De AVRO zendt rechtstreeks de One man show van Toon Hermans uit. De KRO start de eerste reguliere sportuitzending. Er wordt een derde televisiestudio geopend. Sport in beeld gaat van start.
De eerste Nederlandse comedyserie doet ruim vijftig jaar later nog steeds fris aan. Verwikkelingen in een pension met vaste gasten aan een Amsterdamse gracht. Razend populair dankzij medewerking van Annie M.G. Schmidt voor de teksten en Cor Lemaire voor de muziek. Enkele liedjes, die oorspronkelijk als intermezzo dienen, gaan een eigen leven leiden. Hoogtepunt: ‘Ik zou je het liefste in een doosje willen doen” door Donald Jones. Elke aflevering wordt geïntroduceerd door Wim Ibo, voorlezend uit het dikke boek ‘Hommeles’. Maandelijkse uitzendingen tussen 1957 en 1959.